Ontwikkelingen

Vandaag de dag worden de woorden Bujutsu en Budo gebruikt om een betekenis te geven aan een ruim scala van krijgskunsten, van het ongewapend gevecht tot het gebruiken van diverse wapens. Alleen Bujutsu en Budo hadden beide verschillende doelstellingen in de Edo periode. Bujutsu vaardigheden weren gebruikt voor oorlogsvoering, terwijl Budo werd geïnterpreteerd
als materiele weg; een idealistisch manier van zelf harmonieuze ontplooiing en perfectionering, gebruikt door de samurai die de Bujutsu technieken trainden.

In die tijd waren er 18 verschillende Bugei (de Bugei Juhappan): de belangrijkste waren:
boogschieten, paardrijden, zwaardvechten, werpwapens, ongewapend gevecht, vuurwapens, speervechten, korte en lange stok, staf, hellebaard, zwaardtrekken, touwbinden, mes en dolk, belegering van steden, enz
Het beoefenen van de Bujutsu begon in de vroege middeleeuwen. Zo halverwege de Heian periode (10e eeuw). Een militaire kaste gebruikte dit destijds om hun landelijke eigendommen te beschermen. Dat werd zo intensief getraind en ontwikkeld dat het werd geïntegreerd in het culturele systeem.
Later, gedurende de kamakura periode (1192-1333), hadden hoge militairen de meeste plaatsen ingenomen in de politiek. Als elitair tijdverdrijf beoefenden zij 3 vormen van krijgskunsten gebaseerd op het boogschieten vanaf het paard
:
kasagake: roosschieten (paraplu's als doel)
yabusame: doelen van hout
inu-omono: op wilde honden, zoals de afbeelding hier laat zien
Gedurende de Muromachi periode (ca. 1333-1568), trainden Bujutsu experts hun praktijkkennis (opgedaan tijdens veldslagen) onder de naam Hyohomono of Heihojin. Dit om hun ervaring te delen, over te dragen  en te verfijnen. Daarmee ontwikkelden ze een aantal nieuw soorten stijlen (b.v in de vorm van een Ryu) die daardoor deel gingen uitmaken van het gehele Bujutsu curriculum. Als voorbeeld de Ogasawara-ryu voor boogschieten te paard; Heki-ryu voor het reguliere boogschieten, de Otsubo-ryu voor paardrijden en Aisukage-ryu voor militaire strategie.

Een aantal andere vormen ontwikkelde zich in twisten en oorlogen gedurende 1400 tot eind 1500. Dit waren met name de Tsuda-ryu voor vuurwapens, de Takenouchi-ryu voor het ongewapend gevecht, en de Kashima shinto-ryu, Shinkage-ryu and Itto-ryu voor het zwaardvechten. (respectievelijk Tsukahara Bokuden, Kamiizumi Nobutsuna and Ito Ittosai als grondleggers) Totdat de Shogun uit de Edo periode (begin 17e eeuw) het oude Japan had verenigd en de onstuimige periode van interne oorlogen had weggenomen, begon het Bujutsu af te takelen. Er was immers geen reden meer tot het beoefenen hiervan in een tijd van vrede.

Bujutsu beoefenaars hielden zover dat kon hun technische kennis in stand en ontwikkelde programma's wat aanzet werd tot de Kata, die vandaag de dag nog worden beoefend. Zo transformeerde langzaam het militaire Bujutsu naar een civiele manier; de Budo. De nadruk werd steeds meer gelegd op mentale aspecten gebaseerd op de les van Zen en Confusius.
De praktijk gerichte technieken van het slagveld werden vervangen door trainingen dat ten doel stond aan een gezonde geest in een gezond lichaam.


In andere woorden, bujutsu veranderde naar Budo dat een mentale vorming als doel stelde. In een tijd dat werd verwacht dat de samurai zowel de pen als het zwaard meesterwaardig waren, was de Budo een ideaal wat werd nagestreefd door de militaire klasse.

Twee vooraanstaande zwaardschermscholen waren de Shinkage-yagyu-ryu, met als grondlegger Yagyu Muneyoshi, en de Niten'ichi-ryu ontwikkeld door Miyamoto Musashi. De eerstgenoemde school was erg geliefd bij de Tokugawa familie, die de politiek in die tijd domineerde. Zelfs de shogun Tokugawa Iemitsu trainde zijn vaardigheden op deze school. De fundamentele principes van het zwaardschermen zijn beschreven in boeken zoals de Heiho  Kadensho, geschreven door Yagyu Munenori (de zoon van Muneyoshi), en de Gorin no Sho (het boek der 5 ringen) geschreven door Miyamoto Musashi. Deze klassieke werken beschreven de zwaard technieken en de ideale mentale instelling die de schermer moest bezitten.

Midden de Edo periode (laat-1600 tot midden-1700), hield door de langdurige periode van vrede de zwaardvechter van het slagveld weg, en leidde hem daardoor naar een periode van herziening van zijn trainingen in de vorm van kata. Gevolg hiervan was dat nieuwe scholen dit gingen benadrukken in hun leergang. Daarnaast werd er veelal getraind in vol harnas tezamen met bamboe zwaarden (shinai) Twee van dit soort scholen waren de Jikishinkage-ryu en de Nakanishi-itto-ryu.

Het verlangen naar politieke verandering en door buitenlandse druk, begon de Bujutsu leergang aan een heropleving aan het einde van de 18e eeuw.

Snel daarop werden verschillende stijlen onderwezen in geheel Japan. Toen later in de tijd het shogunaat op hield te bestaan, verloren ook de onbuigbare aanhang van de shogun zijn posities.  Dit gaf mensen buiten de samurai kaste de mogelijkheid om het zwaardschermen te bestuderen. Dojo in verscheidende steden opende hum deuren om zich te gaan bekwamen in de Shintomunen-ryu, Hokushin-itto-ryu en andere stijlen (ryu) van zwaardmanschap. Er kwam zelfs ruimte voor wedstrijden tussen de verschillende ryu. Iets wat in de tijd van het shogunaat ondenkbaar was. De ongewapende vormen (Ju Jutsu) werd toen ook al beoefend. Een aantal beroemde scholen waren de Takenouchi-ryu, Kito-ryu, Sekiguchi-ryu en de Yoshin-ryu. Al deze scholen promootte de slogan: "Ju, yoku go wo seisu" wat vertaald kan worden in: een zwak persoon kan een sterkere overwinnen.
Boogschieten was de eerste vorm wat op compentatieve manier werd beoefend. Soms duurde wedstrijden dagen achtereen, zelfs s'nachts, op een groot veranda van een Kyoto tempel: Sanjusangendo. Boogschutters bevonden zich aan het begin van een 2.20 meter lange semi-overdekte veranda en schoten hun pijlen op een doel wat 120 meter ver weg stond.

Met dit soort evenementen werd bijzonder serieus en strikt omgegaan omdat de eer van een bepaalde Ryu of feodaal domein op het spel stond. Een tot nu toe ongeëvenaarde score werd neergelegd door de toen Tokugawa daimyo van Kishu: Wasa Daihachiro.

Hij presteerde het om 8.133 pijlen doel te laten treffen van de 13,053 stuks die werden afgeschoten. Dit is een opmerkelijk hoog percentage, als we beseffen hoeveel kracht er voor nodig is om een pijl bijna horizontaal te schieten als de hoogte van de veranda slechts 5 meter bedroeg. Vandaag de dag is het voor de meest bedreven boogschutters om slechts een enkele pijl doel te laten raken als een moeilijke opgave.

 
De krijgskunst als competitieve sport stroming

De Budo en Bujutsu waren in het begin van de Meiji periode (1868-1912) bijna verdwenen Maar in 1895 werd er een organisatie (de Dai-nihon Butoku-kai) in het leven geroepen om dit cultureel erfgoed in stand te houden. Een geschikte trainingsschool voor leraren hiervoor werd gebouwd in 1905, in later stadium werd dit een algemene centrale dojo voor Material arts.

Jigoro Kano had de Kodokan stijl van het Judo gevestigd in 1882, deze stijl was gebaseerd op traditionele Jujutsu principes en gevormd naar een sportvorm. Na verloop van tijd ook Kendo geïmplementeerd in het opleidingsprogramma van een school. Gedurende de 2e W.O. werd de Budo gepromoot als onderdeel in de opleiding van het militair nationalisme. De idealen van de Budo werden daarmee opgenomen in militaire training.

Na de oorlog werd Japan onder het gezag van de geallieerde geplaatst. Daarmee werd de beoefening van elke krijgskunst aan banden gelegd. Dit om een opleving van het militair nationalisme tegen te gaan. Maar sinds 1950 werden de krijgskunsten overnieuw geïntroduceerd en werd erg populair als wedstrijdvormen. De budo trok ook de aandacht als een traditioneel discipline, waarin de ontwikkeling van de mentale factoren werden opgenomen. De ontwikkeling van Ki, het streven naar een optimaal niveau van lichaam en geest.

Judo is het meest wedstrijd gericht als alle ander disciplines. Het heeft zich ontwikkeld tot een olympisch sport en word door veel mensen beoefend. Kendo heeft ook internationale bekendheid verworven door de doelstelling van het niet winnen maar het streven naar een gezonde geest in een gezond lichaam.
Aikido, Shorinji Kempo en een aantal andere klassieke vormen houden hun interesse hoog door de promotie van formele kata. Andere vormen benadrukken meer de wedstrijd of competitie. De hogere technieken van 1 zo'n school, de Daito-ryu Aikibujutsu-Sagawa-ha ontwikkeld door Sagawa Yukiyoshizijn samengesteld uit verscheidende Japanse krijgskunsten (zoals kendo, judo en een aantal gewapende vormen) en deze promoten de essentie van de Japanse krijgskunsten.

Copyright © Saji Dojo   l    Saji Dojo Productions   2011   l    All rights reserved
end page
SAJI DOJO